Accede!
Ideeën en bemoedigingen voor gewonde helpers verbonden met een heelmakende God

Over zonde, leugens, pijn en gebondenheid

Uitgangspunten en doelen van christelijke (pastorale) counseling
André H. Roosma
bijgewerkt: 2010-07-20
Een iets ingekorte versie van dit artikel is verschenen in:
Promise (een uitgave van de gelijknamige stichting), Jrg.21, nr.4, okt.2005, pp.2-9.

Inleiding

Waar draait het in het pastoraat nou eigenlijk om? Dat is de vraag waarop dit artikel ingaat. In de loop der jaren zijn er heel veel boeken geschreven die er op gericht lijken een snelle handleiding te geven, of die door velen gelezen worden als ‘hoe doe ik dat’ -boeken. En dat is ook erg verleidelijk. Er is zoveel pastorale nood en vaak merken we dat we van nature niet goed weten hoe we hiermee om moeten gaan. We hebben vaak ook specifieke kennis en inzicht nodig om te weten hoe we iemand nu juist wel of niet helpen. Inzicht in de problematiek van die persoon - bijv. ideeën over waar we mogelijke oorzaken kunnen zoeken - én inzicht over hoe we ermee om kunnen gaan op zo’n manier dat we de persoon daadwerkelijk helpen (en dan niet van de wal in de spreekwoordelijke sloot). Het is goed, naar dergelijke kennis en inzichten te streven. De vraag is wel of kennis en inzicht het belangrijkste zijn. Op die vraag ga ik in dit artikel in.

Enkele gangbare zienswijzen

Inzicht in hoe we met bepaalde problemen om kunnen gaan en ze kunnen helpen oplossen, begint dikwijls met inzicht in wat de kern van die problemen is. Binnen de pastorale counseling vinden we een heel spectrum aan opvattingen en ideeën over de kern en mogelijke oorzaken van problemen en over de meest aangewezen remedies ertegen.1 Enkele van meest uitgesproken en enigszins complementaire visies zijn de volgende:

  1. Problemen kenmerken zich in essentie door of komen voort uit zonde dan wel uit zondige denk- en gedrags-patronen van de persoon zelf. De beste remedie ertegen is dan: vernieuwing van het denken en (vaak: daar doorheen) opbouw van nieuwe, goede gedragspatronen. Dit noem ik de cognitief behaviouristische benadering (al dan niet met een stevige, christelijk-morele saus erover).2
  2. Problemen komen voort uit emotionele verwondheid van de persoon, die ontstaan is door onheil van buiten af – vooral in de kinderjaren. Remedies beginnen met de erkenning en verwerking van de geleden pijn. Centraal staat een herstel-proces voor emotionele genezing van de trauma’s en dergelijke. Dit noem ik de ‘genezing van beschadigde emoties’- of de emotioneel herstel-benadering.3
  3. Problemen komen voort uit, of hebben vooral te maken met demonische invloeden. ‘Geestelijke strijd’ is een kernbegrip voor de aanhangers van deze visie. Deze visie ben ik veel tegengekomen in bepaalde pinkstergroepen. Centraal in het denken over herstel en in bedieningen die dat herstel moeten brengen, staat bevrijding van demonische invloeden. Ik noem deze visie daarom wel de bevrijdings-benadering.4

De cognitief behaviouristische benadering
Een christelijk-morele variant op deze eerstgenoemde benadering komen we bijvoorbeeld heel duidelijk tegen bij Jay Adams. Hij legt veel nadruk op de morele verantwoordelijkheid van de confident zelf en op het naleven van algemene richtlijnen vanuit de Bijbel. (Het leven vanuit de continue en persoonlijke relatie met God krijgt bij hem echter minder aandacht.) Mildere en wat meer gebalanceerde varianten hierop komen we o.a. tegen in de vroege werken van Larry Crabb, bij Bruce Thompson en bij Jef De Vriese. Zowel Crabb als Thompson hanteren ook elementen uit benadering 2, maar benadrukken vooral de verantwoordelijkheid van de confident in hoe hij of zij met het aangedane onrecht / leed is omgegaan. Veel problemen, zeggen zij, komen voort uit het verkeerd gereageerd hebben op pijn, en dergelijke. Deze reacties waren wellicht ooit de enig mogelijke om onszelf te beschermen, nu zijn ze disfunctioneel. In de vroege benadering van Crabb is zodoende het begrip ‘zelf­bescher­mings­­mechanisme’ vrij centraal komen te staan. Thompson heeft het in dit verband erover dat we geneigd zijn om ‘scheve’ muren om ons hart te bouwen, niet ‘rechte’, overeenkomstig Gods richtlijnen. Jef De Vriese benadrukt nog meer het aanleren van nieuw gedrag.
Bij Henry Cloud en John Townsend kom ik ook veel aspecten van een dergelijke cognitief-behaviouristische benadering tegen.
Een andere variant van deze benadering vinden we bijvoorbeeld bij William Backus, in zijn serie: Telling the truth to.... Hier ligt de nadruk op het afleggen van leugens in ons denken en het aanleren van een denken dat overeenstemt met de waarheid.
Deze benadering kwamen we ook tegen bij de ‘Promise Keepers’ beweging: men zag de problemen van gezinnen als consequenties van een moreel verval en riep mannen op tot verandering door zich toe te wijden aan 7 beloften die te maken hadden met de omgang met God, met gezinsgenoten en met elkaar als mannen. De benadering was mannelijk georiënteerd: het spreekt mannen aan om ‘zelf actief iets aan de problemen te kunnen doen’.
Het feit dat deze benadering soms sterk geënt wordt op Bijbels onderwijs over wat wel en niet Gods bedoeling in algemene zin is met ons leven (het naleven van Gods ‘gebruiksaanwijzing voor het leven’) kan als positief kenmerk van deze benadering genoemd worden.
Soms wordt hierbij de Bijbel ook als ‘christelijk sausje’ gebruikt. Een voorbeeld: Vaak wordt deze benadering door christen-hulpverleners gestaafd vanuit Romeinen 12: 2 – een tekst die spreekt over vernieuwing van leven door vernieuwing van denken. Het moge duidelijk zijn, dat hier een Bijbelvers uit zijn verband is gerukt: Romeinen 12: 1 spreekt van het volledig overgeven van jezelf – met name wordt het lichaam genoemd – aan God. Hiermee ging Paulus zeer radicaal in tegen het Griekse (en moderne) denken, waarin het denken een te grote plaats heeft en het lichamelijke onderbelicht is. Men merke hierbij op dat juist het lichaam sterk verbonden is met de emoties. De verandering van het denken en handelen komt bij Paulus dus voort uit de fysieke en emotionele overgave aan God – een in deze benadering dikwijls onderbelicht aspect!
Daarmee kom ik op de tweede benadering, die zag dat veel mensen wel goed willen en goed denken, maar door emotionele ‘wonden’ toch verkeerd handelen.

De emotioneel herstel-benadering
Een basis voor de tweede benadering vinden we historisch bijvoorbeeld in die tak van de psychiatrie en de verslavingszorg, waar men oog kreeg voor het fenomeen dat bepaalde problemen zich herhalen door de geslachten heen. Men ging de onderlinge dynamica in gezinnen bestuderen en kwam tot de conclusie dat kinderen sterk gevormd worden door hun vroege ervaringen en de ‘cultuur’ van het gezin waarin ze opgroeien. Dit leidde tot een systeemtheoretische benadering, met een zekere dosis determinisme (mijn omgeving heeft tot op zekere hoogte bepaald hoe ik nu ben). Veel christen-psychologen en counselers hebben deze benadering als hun voornaamste insteek gekozen. Elementen hiervan kom ik duidelijk tegen bij John Bradshaw, David Seamands, Sandra Wilson, Paul D. Meier & Frank B. Minirth, en vele anderen. Hieronder zijn veel mensen die al vóór ze christen waren, actief waren in de psychologie of psychotherapie.
Opvallend is ook het aantal vrouwelijke hulpverleners die varianten van deze benadering voorstaan: Paula Sandford, Melody Beattie en in beperkte zin Leanne Payne. Volgens mij komt dat o.a. doordat vrouwen meer open staan voor hulp van buiten af en meer oog hebben voor het relationele en het emotionele aspect (wat hier als verwond wordt gezien en als van buiten af herstel nodig hebbend).
Ook opvallend vind ik het aantal ‘ervaringsdeskundigen’ onder de schrijvers in deze categorie. Ik denk hierbij onder andere aan de Nederlandse trauma-specialist Téo van der Weele, die actief is op het gebied van incest-hulpverlening, en daarbij vooral wil vermijden dat mensen die al getraumatiseerd (en vaak ook nog door hun omgeving veroordeeld) zijn, nogmaals veroordeeld worden. De – veelal traumatische – persoonlijke ervaringen van deze hulpverleners, en hoe God hen daar met hulp van anderen uit gehaald heeft of van heeft genezen, geeft hun visie een zeker realisme. Het gevaar van deze benadering schuilt erin dat het gemakkelijk is om heel lang in ‘de pijn van vroeger’ te blijven steken, of om de eigen verantwoordelijkheid niet goed mee te nemen, waardoor gemakkelijk een slachtofferige grenzeloosheid of traumatisatie van anderen optreedt.

De bevrijdings-benadering
De derde benadering was in de 20ste eeuw meer in bepaalde gemeenten en groepen te vinden waar deze werd gepraktiseerd (bijv. in Kracht van Omhoog gemeenten), dan dat deze benadering veel in de herstel-gerichte literatuur was terug te vinden. Een duidelijke vertegenwoordiger van deze visie in Nederland was de pinkster-voorganger Jo (J.E.) van den Brink. Internationaal is Peter Horrobin van Ellel Ministries een bekende vertegenwoordiger. Zij hebben deze kant van de zaak duidelijk ‘op de christelijke agenda gezet’. Omdat met name van den Brink de natuurlijke geneigdheid van de mens tot de zonde afwees, werd alle narigheid en alle verleiding tot zonde gezien in een context van geestelijke strijd.
Elementen van deze visie kom ik ook duidelijk tegen bij schrijvers als Neil Anderson. In deze eeuw is de belangstelling voor deze benadering weer sterk opgelaaid, onder meer door workshops en trainingen van Pinkstervoorganger Wilkin van de Kamp.
De geestelijke wereld van God en de engelen en demonen is een realiteit. Het boek Job en ook Daniël laten dat overduidelijk zien. Ook zien we het terug in de loop van Jezus’ bediening toen hij hier op aarde rondwandelde, en in de verslagen van de handelingen van de eerste apostelen. Er zijn mensen die problemen hebben die vooral bepaald worden doordat geestelijke machten (demonen) enigerlei (soms grote) mate van invloed in hun leven hebben. Bevrijdingspastoraat lijkt dan de aangewezen weg. Het punt is alleen dat dit vaak interacteert met de vorige twee aspecten van problemen: verkeerde gedachten en verwonde emoties. Als iemand bevrijd wordt, maar de demonen ‘een voet’ blijft geven in zijn of haar leven door zijn/haar emotionele wonden of verkeerde denkpatronen, dan kun je dus bezig blijven met bevrijden – het blijft ‘dwijlen met de kraan open’.

Er zijn veel mensen geweest die een relatie hebben willen leggen tussen deze benaderingen of die van elk of van twee van deze benaderingen elementen hebben genomen om tot een nieuwe benadering te komen. Ik heb dit sterk gezien bij Bruce Thompson, die in zijn ‘Muren van ons hart’ programma enerzijds over onze emotionele verwondheid spreekt, en anderzijds duidelijk een vrij cognitief-behaviouristische benadering kiest voor herstel. Ditzelfde gebeurt in het Celebrate Recovery programma dat vanuit Amerika ook in Nederland is geïntroduceerd.
Anderen hebben zich juist heel duidelijk afgezet tegen één van deze benaderingen. In zekere zin zie ik het eerdergenoemde werk van Adams bijvoorbeeld als een reactie op de tweede benadering uit de psychologie (Adams verzet zich vrij expliciet tegen theorieën over emotionele verwondheid, die hij – moralistisch en abusievelijk – in verband brengt met ‘je morele verantwoordelijkheid niet nemen’).

Geven deze benaderingen voldoende basis voor de christelijke counseling?

De hierboven ruw geschetste benaderingen worden allemaal op basis van Bijbelgedeelten gemotiveerd en ‘werken’ allemaal in een aantal gevallen, terwijl in andere hun tekortkomingen blijken. Confrontatie met hun emotionele verwondheid kan mensen een hulpeloos gevoel geven als niet parallel voldoende aan hun veiligheid en vaardigheden is gewerkt. Het determinisme van de systeemtheorie kan ons -onbedoeld!- maken tot slachtoffer van onze achtergrond – passief en hulpeloos. De nadruk op onze eigen verantwoordelijkheid in de eerste benadering werkt soms goed bij mensen die niet of niet sterk getraumatiseerd zijn – mensen wiens wil niet gebroken is en die emotioneel en relationeel nog vrij goed kunnen functioneren. De sterker getraumatiseerden drijft zij echter juist tot wanhoop doordat hun relationele en/of emotionele verwondheid een positief functioneren telkens weer lijken te ondermijnen.

De drie genoemde benaderingen hebben in de kern van de zaak één ding gemeen: ze richten zich er in de eerste plaats op om zelf zo snel mogelijk de hulpvrager te verlossen uit zijn of haar probleem. Ze willen de hulpvrager helpen, weer goed in deze maatschappij te kunnen functioneren. Ze zijn dus fundamenteel mens-gericht. Impliciet gaan ze er daarbij van uit dat het vooral erg belangrijk is om als mens functioneel te zijn. De hulpgever moet functioneel zijn in zijn of haar hulp en de hulpvrager moet zo snel mogelijk weer goed kunnen functioneren in de maatschappij. Het is de vraag of dit ook in Gods ogen zo is. Is onze waarde afhankelijk van onze individuele prestatie? Veel christenen zeggen dat dit zo is, en refereren bijvoorbeeld aan het laatste oordeel waar we ontvangen wat we gezaaid hebben. Echter, juist in dat laatste oordeel zal Jezus ook van mensen die veel christelijk werk gedaan hebben, zeggen: „Ik ken u niet”. Bij dat „Ik ken u niet” refereert Jezus aan een persoonlijke en relationele, en niet zozeer aan een functionele dimensie in ons bestaan. Mijns inziens terecht heeft – onder anderen – Anna Terruwe aange­toond dat juist het functioneel-gerichte aanleiding kan zijn tot veel problemen (zoals de door haar beschreven frustratieneurose).5 Als ik de Evangeliën lees, zie ik dat het bij Jezus in de eerste plaats gaat om de open relatie met Hem, en pas daarna om de functionele aspecten.

Een ander probleem van deze benaderingen is de ongelijkwaardigheid die vaak gecreëerd wordt tussen hulpverlener en hulpvrager. De hulpverlener weet wat goed is voor de hulpvrager. Hij staat boven de hulpvrager. Bijbels gezien is er geen basis voor een dergelijke benadering. In mijn ervaring blijkt ook telkens weer dat de hulpvrager vaak beschikt over essentiële ‘sleutels’ voor de deuren naar herstel – bijvoorbeeld dingen die God hem of haar al persoonlijk heeft laten zien door Zijn Woord.

Het evenwicht tussen de drie visies blijkt ook moeilijk te vinden te zijn.
Blijkbaar zitten er aan herstel verschillende aspecten. We zoeken dus naar een benadering met oog voor emotionele wonden, noodzaak van ‘nieuw denken’, ‘nieuw handelen’ en moreel-geestelijke aspecten, en aspecten van geestelijke strijd en bevrijding. De vraag is: hoe vinden we daarin steeds weer de goede weg?

Een andere benadering

Persoonlijk denk ik dat we hier alleen uitkomen door juist niet bij de confident en zijn of haar problemen te beginnen; door niet zo geconcentreerd te zijn op het uit de weg ruimen van een ‘probleem’.
Als ik naar de Bijbel luister, dan begint Die bij God en Zijn initiatief om ons, mensen, te maken. Ook de Evangeliën beginnen in feite bij Jezus. In Jezus’ benadering van mensen met problemen zie ik een heelheid, een volledigheid. Hij keek verder dan het manifeste probleem. Hij keek naar de persoon, en wel specifiek naar de persoon in relatie met God en anderen. Daarbij gaat Hij dan ook wel in op de moreel-geestelijke aspecten, de aspecten van emotionele verwondheid en die van vernieuwing van denken en van gedrag, maar dat alles lijkt op de tweede plaats te komen. Bij wie kunnen we beter terecht dan bij Hem en bij Zijn Woord?

Wat zegt de Bijbel ten aanzien van problemen? Hij roept ons op, te zien op Christus, de Leidsman en Voleinder van ons functioneren in relatie met God (mijn vertaling van het woord ‘geloof’ - Hebreeën 12: 2). Paulus was hiervan zózeer doordrongen dat hij zei niets anders te willen weten (geen andere theorie of filosofie te willen aanhangen) dan Christus alleen (1 Korinthiërs 2: 2). Jezus Zelf werkte niet volgens een vast schema, een filosofie, of een bepaalde methodiek. Er zijn verschillende gevallen waarin Hij iemand geneest van blindheid, en elke keer lijkt Hij op een andere manier te werk te gaan. Wat deed Hij dan wel, wat was dan wel Zijn leidende ‘motto’? Hij zegt er zelf over: „Ik doe wat Ik de Vader zie doen” (Johannes 5: 19-20).

Dit brengt ons op het punt waar de schoen wringt: op het punt dat we onze volledige afhankelijkheid van God moeten en mogen erkennen. Dát – en niets minder – is nou juist ook Gods doel met een ieder van ons. Te functioneren zoals een (klein) kind, dat zijn bestaansrecht louter ontleent aan het gewild en geliefd zijn door de ouders (existentiële waarde), en niet aan zijn functioneren (functionele waarde). Een kind dat zeker is in en door die liefde van de ouders. Dat zich tot pappa en mamma wendt voor eten, en ook voor emotionele steun, voorbeelden voor het denken en handelen, etc.
Het lastige is, dat we dit in onze overspannen maatschappij niet gewend zijn. We willen geen problemen voelen. We willen niet tijdenlang ergens mee lopen te worstelen. We willen instant-oplossingen die we liefst volledig zelfstandig kunnen toepassen.
Maar dat is niet waar God in de eerste plaats met ons naar toe wil.

Hét probleem van de mens is dat we die intimiteit in de omgang met God zijn kwijtgeraakt. En dat brengt me bij de titel van dit stuk.
Oppervlakkig gezien zijn we die intimiteit kwijtgeraakt door vier dingen: door zonde, leugens, pijn en gebondenheid. Het begon bij Adam en Eva met leugens en zonde: het gehoor geven aan leugens over Gods bedoelingen met hen, over Gods liefde; en daaropvolgend zelf het roer in handen nemen wat uitmondde in de overtreding, het afwijken van wat God gezegd had. Toen kwam de pijn en de schaamte, de vervreemding van God, van elkaar en van zichzelf. Toen God hen weer benaderde, vluchtten ze achter de struiken, ze verborgen zich, verontschuldigden zich met nieuwe leugens. Ze waren gebonden geworden aan de zonde, de pijn en de leugens – aan de overheersing door de duivel en zijn duistere rijk. Sindsdien is dit steeds weer het patroon: schaamte en pijn als gevolg van het afwijken van Gods bedoelingen, lijden ertoe dat anderen tot slachtoffer worden gemaakt. Hierbij wordt intensief gebruik gemaakt van leugens. De meeste mensen gaan niet tot het licht, zegt de Bijbel. Maar hallelu JaH, er is een uitweg door Jezus Christus.

Het kernprobleem zat niet in wat Adam en Eva deden, maar in dat ze hun hart afsloten voor God en leugens over Zijn pure karakter geloofden. Het kernprobleem heeft dus te maken met de mate waarin we ons hart afsluiten of openstellen voor God. Wij kunnen terugkomen op het besluit van Adam en Eva om hun hart af te sluiten en ons be-keren tot Jezus. Ondanks onze zonde en schaamte en pijn en eventuele gebondenheid, kunnen we veilig tot Hem en via Hem tot de Vader gaan. Hij nodigt ons uit om ons leven open te leggen voor Hem, met alle duisternis die er in is. We mogen leren te schuilen bij Hem. We mogen leren dat Hij „... geen mens [is], dat Hij liegen zou” (Numeri 23: 19; vgl. Hebreeën 6: 18). Hij is Eén, zegt de Bijbel, en honderd procent puur. In de veiligheid die we bij Hem stap voor stap mogen gaan leren te ervaren, kan Hij aan ons gaan werken en ons herstellen – moreel, emotioneel, qua denken en handelen én bevrijd van geestelijke bindingen of invloeden van demonen. Zó komt alles in ons leven op de door God bedoelde plek. De pastoraal werker wordt dan in afhankelijkheid een ‘verlengstuk’ van de Heilige Geest. Hij of zij weet dat elk mens uniek is en zal Gods leiding willen volgen. Hij of zij wordt zo ‘Gods handen en voeten’ hier op aarde om Gods werk als het ware tastbaar te maken. Zijn of haar taak is dan niet om een probleem zo snel mogelijk de wereld uit te helpen, maar zichzelf en daardoor ook de ander te verbinden met God.

Dit is het belangrijkste uitgangspunt van de nieuwe benadering die we Immanuel pastoraat noemen.6 Deze benadering richt zich in de eerste plaats op de gemeenschap met God, Die Immanuel – God met ons – wil zijn. Als het leven in gemeenschap met God is hersteld, zullen ook andere aspecten van het leven herstel vinden en in lijn komen met Zijn bedoelingen.
Variaties op dit uitgangspunt kom ik onder andere tegen bij Leanne Payne in haar gebeds-pastorale benadering en bij Téo van der Weele, in wat hij noemt Zegenend Helpen.7 De Zegenend Helpen benadering besteedt aandacht aan de wonden uit het verleden, maar begint officieel niet bij die wonden en disfunctionaliteiten in onze achtergrond en niet bij onze verantwoordelijkheden. Deze benadering helpt mensen om er in de eerste plaats van uit te gaan dat God met iedereen een plan heeft en met iedereen bezig wil zijn om dat plan uit te voeren. Je zou kunnen zeggen: God is met herstel bezig en de pastoraal werker mag zich daarbij aansluiten. Dit maakt de pastoraal werker heel expliciet afhankelijk van God.
Nog duidelijker kom ik dit uitgangspunt tegen in de benadering van Jim Wilder. Met een beroep op de Bijbel én recente neurologische inzichten concludeert Jim Wilder bijvoorbeeld dat het samen met God en anderen beleven van vreugde bijzonder heilzaam werkt in ons leven – vaak nog heilzamer dan allerlei therapie bij elkaar.
De nieuwe benadering van Immanuel pastoraat is in feite gebaseerd op de gemeenschappelijke kern van deze benaderingen.

Is alle andere Bijbelse en psychologische kennis dan waardeloos? Ik heb gezien dat dit zeker niet zo is! We hebben enige kennis - voorbeelden - onder andere nodig om het spectrum aan mogelijkheden te zien. Ik heb veel voorbeelden gezien van mensen die dieper in de problemen terecht waren gekomen doordat anderen gedacht hadden hen zonder goede kennis of inzicht te kunnen helpen. Kennis en inzichten kunnen ons helpen te zien waar iemand nu juist moeite mee heeft, of mogelijkheden te zien die voor die persoon geschikt zijn. Een eenvoudig voorbeeld om dit duidelijk te maken: Als we ons alleen maar bewust zijn dat we vóór- of achteruit kunnen, dan kunnen we als het ware van God geen ander antwoord ontvangen dan „ga vooruit” of „ga achteruit”. Als we zien, dat er ook de mogelijkheid is, om opzij te gaan, staan we ook voor dat antwoord open. Daarom geloof ik sterk in het nut van voorlichting en het stimuleren van wat ik noem: ‘exploreren’ – nagaan of er nog andere alternatieven zijn (zie ook m’n artikel over het luisteren). Maar kennis, methoden en modellen leiden ons niet uit onze problemen. Ik noem het soort pastoraat wat puur probleem-gericht is ook wel ‘vang de rat’ -pastoraat. De confident heeft een rat in zijn of haar kelder en die moet zo snel mogelijk gevangen worden, want we zijn bang voor ratten. Op deze manier kan angst voor het probleem een grote rol gaan spelen in onze hulpverlening. Angst heeft de neiging onze blik te vernauwen. We raken dan gemakkelijk gevangen in één of andere (tunnel)visie.
Visies zoals hierboven in de eerste alinea’s geschetst onder de kop: ‘enkele gangbare zienswijzen’ zijn ‘slechts’ hulpmiddelen; net als de schroevendraaier en de hamer van de timmerman. Erg nuttig, maar zonder De Timmerman heb je aan alleen een hamer niet veel (zie ook mijn artikel Het modernisme en de vrienden van Job). De uitdaging voor ons is om samen te werken met Hem; Hem het laatste woord te geven - inclusief of Hij in deze situatie een hamer of liever een schroevendraaier gebruikt!
Het gaat uiteindelijk om de relatie. Onze relatie met God en met elkaar is belangrijker dan het oplossen van ‘problemen’. God is erop uit om ons volledig tot bloei te laten komen. ... Dat zinnetje schrijf ik hier zo eenvoudig: God is erop uit om ons volledig tot bloei te laten komen... Als ik de diepte daarvan tot me door laat dringen, duizelt ’t me en word ik er bijna verlegen van! De Almachtige, Schepper van hemel en aarde, is in mij, kleine sterveling, geïnteresseerd. Sterker nog: ondanks het feit dat wij Hem liever op afstand hielden, liever onze eigen weg gingen en Hem daardoor klap na klap in Zijn gezicht gaven - ondanks dat alles stuurde Hij Zijn Zoon om in onze plaats te lijden en sterven. Dat alles met als doel: ons weer met Hem te kunnen verenigen! Dat is bijna te groot voor woorden!
Bijna nog groter is het feit dat Jezus ook weer opstond uit de dood en ons daarbij als het ware ‘mee-trok’ uit de dood en alle rottigheid die daaraan vastkleeft.
In het leren uitleven van de relatie met God en elkaar ligt vrede – we kunnen daardoor emotioneel ook meer rottigheid aan – en levensvreugde. Het is het doel van ons leven! Wat een voorrecht om daar - ook als pastoraal werker - in de eerste plaats op gericht te zijn en bescheiden aan mee te mogen werken! God te volgen in Zijn liefdevolle werk in onszelf én in de ander!
Het is iets wat in onze maatschappij niet meer zo bekend is, maar in de Bijbelse maatschappij deed je de schoenen van je voeten als je iemand onder ogen kwam tegen wie je in figuurlijke zin opkeek, iemand die je veel respect waardig achtte. Toen God door de brandende braamstruik heen tot Mozes sprak, deed deze zijn schoenen van zijn voeten. Soms, in het pastorale werk, heb ik ook de neiging om m’n schoenen van m’n voeten te doen uit diep respect en ontzag voor God omdat ik zo onder de indruk raak van de liefde en zorg die Hij heeft voor mensen zoals ikzelf, die er vaak een potje van gemaakt hebben! Hij is werkelijk onze hoop! Ook in het pastoraat!

Dit artikel laat zich eigenlijk kort samenvatten:
Er zijn uiteenlopende visies ten aanzien van het pastoraat, maar ten diepste gaat het in het pastoraat niet om een methode of een bepaalde visie. Het gaat in het pastoraat (letterlijk: herderlijke zorg) om de relatie met De Goede Herder! Brede kennis van visies en methoden is nuttig als zij flexibel en onderworpen is aan de leiding van die Goede Herder! Hij wil niet anders dan ons zegenen en bij uitstek biedt Hij uitzicht op echte vrede - in de menselijkerwijs meest lastige situaties. Jezus - zoals Hij hier op aarde wandelde - is ons voorgegaan in een leven en -pastoraal- werken in afhankelijkheid van God de Vader. Hij wil dat ook in ons uitwerken, als wij Hem dat toestaan.

Alle verzoekingen zijn in principe een poging om ons zover te krijgen dat we onze levens onafhankelijk leven van God
Neil T. Anderson
Hersteld, p.19.

Naschrift

Wat mij opvalt, is hoeveel verdedigers van één van de eerste drie visies op latere leeftijd overgeschakeld zijn op de vierde benadering. Als voorbeeld: Larry Crabb kwam vanuit een sterk psychologisch ingekleurd denken met veel elementen van de eerste twee visies – en wel met name de eerste – en schoof in de jaren ’90 met o.a. de publicatie van zijn boek Verbondenheid duidelijk op naar de vierde. De eerste boeken van Seamands bevatten relatief veel aspecten van de tweede visie, het latere Genezende genade meer van de vierde. Neil Anderson ging in eerste instantie sterk uit van de derde visie, terwijl zijn laatste boeken meer aandacht besteden aan de verbondenheid met God en elkaar. Zo zijn er meer voorbeelden te geven. Al deze ervaren pastoraal werkers en psychologen kwamen er in de loop van de tijd achter, dat de kern van herstel en pastoraal werk niet zit in een bepaalde benadering, maar vooral zit in de relatie: de relatie van de pastoraal werker of counselor met God, die van de confident met God, en de onderlinge relatie van confident en counselor en ten slotte de relaties van beiden met anderen.
Dat maakte dit stuk over benaderingen ook lastig te schrijven; het wordt zo snel een soort contradictio in terminus, of als een dier dat in z’n eigen staart dreigt te bijten...


Voetnoten:

1 Er is een heel spectrum aan benaderingen en modellen. Een groter aantal ervan heb ik op een rijtje gezet in het Engelstalige document: Pluriformous and multi-colored christian counseling - a variety of approaches and views. (download Adobe Acrobat Reader hier PDF document)
2 De meest duidelijke exponent van deze benadering vind ik Jay E. Adams. Ook bij Walter Barrett en Jef DeVriese van het Belgisch/ Nederlandse Centrum voor Pastorale Counseling zie ik deze visie sterk terugkomen. Elementen van deze visie kwam ik tegen in het bekende boek van Bruce Thompson, in de boeken over het stellen van grenzen van Henry Cloud en John Townsend en in vroege uitgaven van Larry Crabb (van vóór 1990).
Literatuur:
Jay E. Adams, Bijbels Pastoraat - Basis van Christelijke hulpverlening, Verbo, J.N. Voorhoeve, Den Haag NL, 1982 (vertaling, door R. Schoonhoven en J.T. Schaafsma, van: Competent to Counsel, Baker Book House, Grand Rapids MI USA, 1970).
Jay E. Adams, The Big Umbrella ... and other essays and addresses on christian counseling, Baker Book House, Grand Rapids MI USA, 1972.
Jay E. Adams, Ready to Restore, Baker Book House, Grand Rapids MI USA, 1981.
Walter Barrett, Jef De Vriese, Helpen met de Bijbel - inleiding tot pastorale counseling, Gideon, Hoornaar NL, 1986.
Gary R. Collins, Jef de Vriese, Doeltreffende pastorale counseling - de herderlijke taak van de plaatselijke gemeente, Gideon, Hoornaar NL / Centrum voor Pastorale Counseling, Heverlee B, 1988; ISBN 90-6067-456-0 / 90 71813 04 5.
Henry Cloud, John Townsend, Grenzen - wanneer zeg ik ja, wanneer zeg ik nee, hoe bepaal ik mijn eigen grenzen, Koinonia, 1998; ISBN: 90 76193 01 0 (vertaling, door Marionne L. Lufting-Heijna, van: Boundaries - When to say YES, when to say NO, to take control of your life, Zondervan, Grand Rapids Michigan USA, 1992 (Strand Publishing, Sydney, Australia, 1996)).
Lawrence J. Crabb Jr, Principes voor Bijbels pastoraat - De gemeente als hulpverlener, Gideon, Hoornaar, NL, 1987; ISBN 90 6067 387 5 (vertaling, door Hans Cornelder, van: Basic Principles of Biblical Counseling, Zondervan USA, 1975).
Larry Crabb, Mensen begrijpen - Een Bijbelse visie op elkaar helpen en raadgeven, Navigatorboeken, Driebergen NL, 1997; ISBN: 9070656779 (vertaling, door Paul de Gier, van: Lawrence Crabb, Understanding People - deep longings for relationship, Marshall Pickering / Zondervan, Grand Rapids MI USA, 1987).
William Backus, Telling the Truth to Troubled People - a manual for christian counselors, (Telling the Truth-series), Bethany House, Minneapolis MN, USA, 1985. Noot: Alle nadruk voor herstel ligt hier op het afleggen van ‘leugens’, zoals: ‘ik ben waardeloos’, en ze vervangen door ‘Gods waarheden’, zoals (in dit voorbeeld): ‘ik ben waardevol voor God’.
3 Verschillende aspecten van deze benadering vind ik o.m. terug in de onderstaande boeken (naast boeken van christelijke auteurs noem ik hier ook boeken van niet-schristelijke schrijvers die populair zijn bij veel christen-hulpverleners):
Edwin H. Friedman, Van geslacht op geslacht, systeemprocessen in kerk en synagoge, Ekklesia, Gorinchem, 1999; ISBN 90-75569-07-6 (vertaling, door D. Ferwerda-Arends, van: Generation to Generation: Family Process in Church and Synagogue, The Guilford Press, New York, 1985).
Hans Groeneboer, Op de schouders van ouders - In vrijheid verbonden, Koinonia, Hoogblokland, 2003; ISBN 90 76193 09 6.
Susan Forward (met Craig Buck), Eindelijk je eigen leven leiden - Loskomen van een beschadigde jeugd, Pandora (Contact) / Kosmos, Utrecht, 1990, 1997 (vertaling, door Liesbeth Kramer-Plokker, bewerking door Heleen Niemeyer, van: Toxic Parents, 1989, 1997).
John Bradshaw, Vrij van Schaamte - Van pijn naar levenskracht, Ankh Hermes, Deventer NL, 1996 (vertaling, door Vivian Franken, van: Healing the shame that binds you, Health Communications, Deerfield Beach Florida USA, 1988).
Dan B. Allender, Voor het leven getekend? - Hoop voor slachtoffers van seksueel misbruik, Navigator Boeken / Novapress, Driebergen NL, 1995; ISBN 90-6318-203-1 (vertaling, door Andrea Blok, van: The Wounded Heart, Navpress, Colorado Springs Colorado USA, 1990).
Mary Pytches, Bevrijdend Heil - Een handboek voor innerlijke heelwording, Stg. ‘Vuur’, Utrecht, 1990 (vertaling, door J. Hendriks, van: Set My People Free: inner healing in the local church, Hodder & Stoughton, London, 1987).
Mary Pytches, Yesterday’s Child - Understanding & healing present problems by examining the past, Hodder & Stoughton, London, 1990; ISBN 0 340 52273 9.
David A. Seamands, Genezing van beschadigde emoties, Gideon, Hoornaar NL, 1983 (vertaling, door J.H. Cornelder, van: Healing for damaged emotions, Scripture Press / Victor Books, SP Publications, USA, 1981).
David A. Seamands, Groeien naar volwasenheid - een vervolg op ‘Genezing van beschadigde emoties’, Gideon, Hoornaar NL, 1986 (vertaling, door J.A.P. Bongaards & L.F. Stolk van: Putting away childish things, Scripture Press, USA, 198x).
Marrie van der Feen - de Muynck, Het doet pijn van binnen. Oorzaak en gevolg van incest; suggesties voor hulp aan incestslachtoffers, Stg. Petra, Middelburg, 1991.
Valerie J. McIntyre, Schapen in Wolfskleren - Genezing voor relaties die door onbewuste ‘overdracht’ kapotgaan, Navigators, 2003; ISBN 90-76596-336; (vertaling, door Martin Tensen, van: Sheep in Wolves’ Clothing - How unseen need destroys friendship and community and what to do about it, Pastoral Care Ministries / Hamewith Books - Baker Book House, Grand Rapids MI USA, 1996/1999).
Sandra D. Wilson, Counseling Adult Children of Alcoholics, (ACOA’s), Resources for Christian Counseling Vol.21 (ed. Gary Collins), Word Books, Dallas USA, 1989.
Sandra D. Wilson, Hurt people hurt people - (Gewonde mensen wonden mensen) - When your pain causes you to hurt those you love / Hope and healing for yourself and your relationships, Thomas Nelson, Nashville Tennessee USA, 1993.
Robert Hemfelt, Frank Minirth, Paul Meier, Love is a Choice - Recovery for codependent relationships, Minirth-Meier series, Thomas Nelson, Nashville Tennessee, USA, 1989.
Bruce Thompson, Muren van mijn hart, Gideon, Hoornaar, 1990 (vertaling van: Walls of my heart, Crown Ministries Itnl, USA 1989).
Noot: In dit boek vinden we een mengvorm van m.n. de eerste twee visies. Bruce Thompson geeft ons feilloos aan hoe onze oude zelfbeschermingsmechanismen (de oude ‘muren van ons hart’) meestal niet in lijn met Gods aanwijzingen zijn gebouwd. Ze zijn gebouwd op de scheve fundamenten van afwijzing, haat en minachting. De gevolgen zijn dat we lijden en dat we de rottigheid en ’t gif wat we zelf ontvangen hebben ook weer doorgeven aan onze omgeving. We hebben daarom nieuwe muren nodig, die ons goed beschermen én heilzaam zijn voor onszelf en onze omgeving. Dat bereiken we alleen als we ze in lijn met Gods aanwijzingen bouwen. Zie ook mijn artikel: Op de vlucht voor je verleden? - waarin ik het herbouwen van de muren van Jeruzalem onder Ezra en Nehemia als metafoor gebruik voor emotioneel herstel.
Zie bijv. ook de seculiere herstel-na-seksueel-misbruik literatuur, zoals:
Ellen Bass, Laura Davis, The courage to heal - A guide for women survivors of child sexual abuse, (Updated 3rd ed.) Harper Perennial, New York USA, 1988 (1994).
Laura Davis, The courage to heal workbook - for women and men survivors of child sexual abuse, Harper Perennial, New York USA, 1990.
Mike Lew, Victims no longer - Men recovering from incest and other sexual child abuse, (with a foreword by Ellen Bass), Nevraumont Publ. / Harper Collins, New York NY USA, 1988/1990.
4 Deze visie is bijv. vertegenwoordigd in:
J.E. van den Brink, De sleutels van het Koninkrijk der Hemelen, Rhemaprint, ongedateerd. Opmerking hierbij: in dit boekje is de drang om te over-simplificeren (lees: de boel menselijk ‘beheersbaar’ te maken) wel heel duidelijk aanwezig!
Peter Horrobin, Healing through deliverance (2 delen), Sovereign World, Chichester, 1991 (nieuwe editie: Healing through deliverance 1: The Foundation of Deliverance Ministry en: 2: The Practice of Deliverance Ministry, Chosen Books, 2003; ISBN: 0800793250 resp. 0800793293).
Van dit gedachtengoed vind ik ook elementen terug in een aantal wat meer gebalanceerde werken, zoals:
Neil T. Anderson, Victory over the darkness - realizing the power of your identity in Christ, Regal Books, Ventura California, USA, 1990; ISBN 0-8307-1375-1.
Neil T. Anderson, De Bevrijder - reken af met dwingende gedachten, onredelijke gevoelens, onbedwingbare zonden, Gideon, Hoornaar NL, 1994 (vertaling, door Dieta Huigen-Malenstein en Gerrit Hoekstra, van: The Bondage breaker - overcoming negative thoughts, irrational feelings, habitual sins, Harvest House Publ, Eugene Oregon USA, 1990/1993). Noot: Zoals de titel al duidelijk aangeeft, bevat dit boek ook aspecten uit de eerste categorie.
Neil T. Anderson, Hersteld - Ervaar het échte leven met Jezus, Evangelisatiemateriaal.nl, 2007; ISBN 978-90-78893-01-1 (vertaling, door J. Howard en Ramona Hoogkamer, van: Restored - Experience Life with Jesus). Noot: Dit boek bevat duidelijk elementen uit de andere categorieën; al ligt de nadruk nog wel op het bevrijdingsaspect.
Derek Prince, Zegen of Vloek - "Aan u de keus", Gideon, Hoornaar, 1991 (vertaling, door L.A. Degenhardt, van: Blessing or Curse, Word, UK / Chosen Books, USA, 1990).
Zie ook:
W.J. Ouweneel, Het domein van de slang: Christelijke handboek over occultisme en mysticisme, Buijten & Schipperheijn, Amsterdam, 1978.
Corrie ten Boom, Verslagen vijanden - over occulte machten, Stg ‘Vuur’, EDU Groningen, 1977; (recente heruitgave:) Boekencentrum, Zoetermeer, 2004; ISBN 90 239 1623 9 (vertaling, door C. Baas, van Defeated Enemies, The Overcomer Literature Trust / Christian Literature Crusade, Fort Washington P.A., 1970; ISBN: 0875080219).
5 Zie onder meer:
Anna A.A. Terruwe, De Frustratieneurose, 1e druk: J.J. Romen & Zonen, Roermond NL, 1962 / 6e druk: De Tijdstroom, Lochem NL, 1988 / laatste druk: Bosch & Keunig (Combo: 035-5482401) 1993.
Anna A.A. Terruwe, Geef mij je hand - over bevestiging, sleutel van menselijk geluk, De Tijdstroom, Lochem NL, 1972. (Zie Anna Terruwe over de frustratieneurose en wat er aan te doen is; p.18-31 uit dit boekje PDF document.)
6 Voor meer informatie hierover, zie www.Immanuel-pastoraat.nl en www.Immanuel-levensstijl.nl.
7 Zie onder meer:
Téo J. van der Weele, Zegenend Helpen - Een studie over het zegenen van hulpvragers als onderdeel van pastorale zorg, eigen uitgave van de auteur, Harderwijk NL, 1991; ISBN 90 800936 1 0.
Teo J. van der Weele, De kracht van vrede – hulpverlening aan slachtoffers van sexueel geweld, een evangelisch/charismatische benadering, Eigen uitg. van de auteur, 1990.
Teo J. van der Weele, Dus... ik ben niet GEK. Hulpverlening aan incestslachtoffers, een pastorale/inter-culturele benadering, Eigen uitg. van de auteur / Stichting ZON, Harderwijk NL, 1992, ISBN 90-800936-2-9.
Téo van der Weele, Vrede doet bloeien, Importantia, Dordrecht NL, 2002 (ook beschikbaar in het Engels, Duits, Frans en Fins).
André de Haan, „Nou, het beste...” – Over zegenen gesproken, Filippus, Arnhem NL, 1999; ISBN 90 71078 94 9.
Rens Filius, “‘Pastorale Counseling’, ‘Zegenend Helpen’ en de vraag naar een christelijke methode in het pastoraat”, Cahier (Christelijk Studiecentrum ICS), Nr.20, jaargang 7 nr.3, dec. 1993, p.41-50.
E. James Wilder, James G. Friesen, Anne M. Bierling, Rick Koepcke, Maribeth Poole, Leven naar Gods plan, De Hoop (m.m.v. Oogst Publicaties), Dordrecht, 2004; ISBN 90-73743-19-2 (vertaling van: The Life Model - Living from the Heart Jesus Gave You - The Essentials of Christian Living, en: Bringing the Life Model to Life - The LIFE Model Study Guide for Individuals and Small Groups, Shepherd’s House, Pasadena, CA, USA, 1999 resp. 2000).
E. James Wilder, The Red Dragon Cast Down - A Redemptive Approach to the Occult and Satanism, Chosen (Baker Book House), Grand Rapids, MI, 1999; ISBN 0-8007-9270-X. Noot: Ogenschijnlijk - gezien de titel - lijkt dit boek in de derde groep thuis te horen. Inhoudelijk blijkt echter dat Jim Wilder hier een duidelijk meer op Christus en onderling bevestigende relaties gerichte weg gaat. Dat maakt dit voor mij tot een uniek boek over dit onderwerp! Grotendeels aan dit boek ontleend is: Angst en liefde als de samenbindende factoren in gezinnen, kerken en sekten, door E. James (Jim) Wilder .pdf document.
Zie ook de artikelen van Jim Wilder in eerdere uitgaven van Promise, zoals: bindingen, Verslaving en Volwassenheid en iets meer over zijn bronnen.
Leanne Payne, Herstel van identiteit door genezend gebed, Navigator Boeken, 2000; ISBN: 9070656957 (vertaling, door Martin Tensen, van: Restoring the Christian soul - through healing prayer (Overcoming the three great barriers to personal and spiritual completion in Christ), Crossway Books, Wheaton Ill USA, 1991).
Leanne Payne, Gods Tegenwoordigheid geneest, Kok Voorhoeve, Kampen NL / Carmelitana, Gent B, 1997. ISBN: 9029714395 (vertaling, door Martin Tensen, van:The Healing Presence, Crossway Books, Wheaton Ill USA / Baker Book House, Grand Rapids MI USA, 1989/1995).
Henri J.M. Nouwen, The Wounded Healer, Doubleday Image Books, New York USA, 1972. ISBN 0-385-14803-8 (Reissue edition: Image Books, 1979)
Henri J.M. Nouwen, In de naam van Jezus - Over pastoraat in de toekomst, Oase - Lannoo, Tielt B, 1989 (vertaling, door Margreet Stelling, van: In the Name of Jesus - reflections on Christian leadership, Crossroad, New York USA, 198x).
Larry Crabb, Verbondenheid, Navigator Boeken / Medema, Driebergen / Vaassen, 1998; (vertaling, door Rob van Stormbroek, van: Connecting - Healing for ourselves and our relationships; a radical vision, Word Publishing, Nashville Tennessee USA, 1997).
Larry Crabb & Dan Allender, Bemoedigen doet goed - De pastorale opdracht van de gemeente, Navigatorboeken, Driebergen NL, 1995; ISBN: 9070656655; (vertaling, door Evert W. van der Poll, van: Encouragement, the key to caring, Zondervan Grand Rapids MI USA, 1984).
Brennan Manning, Het Zwervers-Evangelie, Navigator-boeken, Driebergen, NL, 2002; ISBN 90-76596-42-6 (vertaling van: The Ragamuffin Gospel - embracing the unconditional love of God, Multnoma Books / Questar, Sisters Oregon USA, 1990 / SP Trust - Alpha, Aylesbury Bucks GB, 1997).
Brennan Manning, Kind aan huis - Verlangen naar intimiteit met God; Navigator Boeken, ISBN: 9076596417 (vertaling van: Abba’s Child - the cry of the heart for intimate belonging, NavPress, Colorado USA, 1994).
Jerry Cook, Liefde, aanvaarding en vergeving - Hoe de gemeente aan de wereld kan laten zien wat het Lichaam van Christus is, Gideon, Hoornaar, 1982; ISBN 90 6067 215 1 (vertaling, door J.H. Cornelder, van: Love, Acceptance and Forgiveness, Gospel Lit. Int’l, USA, 1981).
David A. Seamands, Genezende Genade - bevrijding van prestatiedwang, SP Publications, Colorado Springs USA / Shalom Books, Putten NL, 1991/1998. Info: Shalombooks@wxs.nl (vertaling van: Freedom from the Performance Trap - Letting Go of the Need to Achive (earlier editions titled: Healing Grace), Victor Books, SP Publications, USA, 1988).
John Townsend, Tussen vlucht en verlangen - Over eenzaamheid, bindingsangst en de kracht van gezonde relaties, Coconut, Almere, 2005, ISBN 90 80758655 (vertaling van: Hiding from Love (We all long to be cared for, but we prevent it by -) - How to change the withdrawal patterns that isolate and imprison you, NavPress, USA, 1991 / Scripture Press, Amersham-on-the-Hill Bucks England, 1992. ISBN 1-872059-68-6).

home   of  terug naar de artikelen index

Meer informatie of suggesties

Voor meer informatie, of uw reactie op het bovenstaande, kunt u contact met me opnemen via e-mail: andre.roosma@12accede.nl.

Bedankt voor uw belangstelling!

© André H. Roosma, Accede!, Zoetermeer, 1998-02-16 / 2015-08-23; alle rechten voorbehouden.